Wat zegt de Bijbel over de eindtijd en de opname van de gemeente?

De eindtijd en de opname

Kingcomments
Nederlands Deutsch English Français Português Español
  • Home
  • Informatie
  • Bijbelstudiedagen
  • Onderwerpen
  • Bijbelstudies
  • Oude Testament
    • Genesis
    • Exodus
    • Leviticus
    • Numeri
    • Deuteronomium
    • Jozua
    • Richteren
    • Ruth
    • 1 Samuel
    • 2 Samuel
    • 1 Koningen
    • 2 Koningen
    • 1 Kronieken
    • 2 Kronieken
    • Ezra
    • Nehemia
    • Esther
    • Job
    • Psalmen
    • Spreuken
    • Prediker
    • Hooglied
    • Jesaja
    • Jeremia
    • Klaagliederen
    • Ezechiël
    • Daniël
    • Hosea
    • Joël
    • Amos
    • Obadja
    • Jona
    • Micha
    • Nahum
    • Habakuk
    • Zefanja
    • Haggaï
    • Zacharia
    • Maleachi
  • Nieuwe Testament
    • Mattheüs
    • Markus
    • Lukas
    • Johannes
    • Handelingen
    • Romeinen
    • 1 Korinthiërs
    • 2 Korinthiërs
    • Galaten
    • Efeziërs
    • Filippenzen
    • Kolossenzen
    • 1 Thessalonicenzen
    • 2 Thessalonicenzen
    • 1 Timotheüs
    • 2 Timotheüs
    • Titus
    • Filémon
    • Hebreeën
    • Jakobus
    • 1 Petrus
    • 2 Petrus
    • 1 Johannes
    • 2 Johannes
    • 3 Johannes
    • Judas
    • Openbaring

De eindtijd en de opname

Wat zegt de Bijbel over de eindtijd en de opname van de gemeente?

De Bijbel staat vol met beschrijvingen van de eindtijd. De Bijbel is ook duidelijk over de opname van de gemeente. Om het overzichtelijk te houden kies ik ervoor iets over de eindtijd te zeggen aan de hand van het boek Openbaring.

Wat spoedig moet gebeuren

De Bijbel staat vol met beschrijvingen van de eindtijd. De Bijbel is ook duidelijk over de opname van de gemeente. Om het overzichtelijk te houden kies ik ervoor iets over de eindtijd te zeggen aan de hand van het boek Openbaring. Dit boek gaat over de eindtijd, over dingen die spoedig moeten gebeuren (Op 1:3). De opname van de gemeente wordt niet in het boek genoemd, maar wordt er duidelijk in verondersteld, zoals we zullen zien.

De indeling van het boek Openbaring vinden we in het eerste hoofdstuk: “Schrijf dan wat u hebt gezien en wat is en wat hierna zal gebeuren” (Op 1:19). Dit geeft een onderverdeling in drie delen:

1. “wat u hebt gezien”: Openbaring 1:1-20;

2. “wat is”: Openbaring 2:1-3:22;

3. “en wat hierna zal gebeuren”: Openbaring 4:1-22:21.

In dit boek verschijnt Christus, Die nu nog verborgen is bij God (Ko 3:3), om al Zijn tegenstanders te oordelen (Op 19:11-21) en Zijn duizendjarige heerschappij te vestigen (Op 20:1-6). Hij is het Middelpunt van alle gebeurtenissen.

In het eerste deel, “wat u hebt gezien”, beschrijft Johannes wat hij heeft gezien: hij zag de Heer Jezus als de Zoon des mensen te midden van zeven kandelaren wandelen. Deze kandelaren, zo wordt ons gezegd, symboliseren zeven gemeenten (Op 1:20).

In het tweede deel, “wat is”, worden zeven gemeenten aangeschreven met het oog op hun actuele geestelijke toestand. Het is echter duidelijk dat de betekenis verder gaat dan wat er op dat ogenblik gebeurt. Deze twee hoofdstukken tonen in de zeven gemeenten ook zeven opeenvolgende fasen in de kerkgeschiedenis, vanaf het ontstaan van de gemeente tot aan de opname ervan. Ze bevatten een profetische schets van de geschiedenis van de christenheid. Het hele boek is immers profetie (Op 1:3), dus inclusief deze beide hoofdstukken.

Het derde en grootste deel van het boek begint met “hierna” (Op 4:1), dat wil zeggen: na de gebeurtenissen die in de vorige twee hoofdstukken aan de orde zijn geweest. Vanaf Openbaring 4 zijn alle ware gelovigen opgenomen in de hemel. Dat is gebeurd bij de komst van de Heer Jezus voor de gemeente en alle oudtestamentische gelovigen (1Th 4:15-18). Daarop kom ik straks terug, maar het is belangrijk te zien dat deze gebeurtenis plaatsvindt tussen Openbaring 3 en 4.

Na de opname van de gemeente is de weg vrij voor God om Zijn werk met de aarde te beginnen (vgl. 2Th 2:6). Hij gaat de wereld oordelen en die reinigen van alles wat tegen Hem in opstand is. Na deze oordelen zal de Heer Jezus op aarde komen om er duizend jaar te regeren. Hij zal dan alle beloften vervullen die door alle profeten zijn gedaan. Geen enkel woord dat God heeft gesproken, zal onvervuld blijven.

Christus laat het hele werk dat God na de opname van de gemeente gaat doen, aan Johannes zien. Johannes ziet een deur geopend in de hemel (Op 4:1). Van daaruit klinkt de stem van de Heer Jezus Die tegen hem zegt in de hemel te komen om van daaruit alles te zien wat op aarde gaat gebeuren. En wij mogen over de schouder van Johannes meekijken!

Direct na het bevel om omhoog te komen, komt Johannes in de Geest (Op 4:2). Hij hoeft niet in eigen kracht te komen; dat zou ook niet kunnen. Daarvoor krijgt hij de kracht van de Heilige Geest. Wij kunnen ook niet door eigen inspanning inzicht krijgen in wat geschreven staat over de toekomst van de Heer Jezus. Dat moet de Heilige Geest ons tonen (Jh 16:13). Daarvoor moeten we Hem wel de ruimte geven en mogen er geen verhinderingen zijn door niet-beleden zonden of een vleselijke wandel.

Het eerste wat Johannes in de hemel ziet, is “een troon” en Iemand Die erop zit. We bevinden ons in de troonzaal, waar geregeerd en rechtgesproken wordt. Dit is de plaats van handeling voor de rest van het boek.

In Openbaring 4 wordt duidelijk dat alle macht in handen van de Heer Jezus is. In Openbaring 5 wordt voorgesteld op welke wijze Hij de macht in handen neemt. Hij heeft de macht al sinds Zijn werk op het kruis (Mt 28:18), maar hier is het moment dat Hij Zijn macht openlijk aanvaardt. Het is een indrukwekkend moment.

De aandacht gaat uit naar een boek op de rechterhand van Hem Die op de troon zit (Op 5:1). Het boek is een boekrol. Normaal wordt een boekrol alleen “van binnen” beschreven, maar deze is ook “van achteren”, ofwel van buiten, beschreven. Hij is volledig beschreven, zonder ruimte om er iets aan toe te voegen. Er ís ook niets aan toe te voegen, want het boek bevat de eigendomsrechten van Christus (vgl. Jr 32:6-16; Lv 25:23-25). Uit dit boek blijkt dat Hij gemachtigd is om de oordelen uit te voeren die nodig zijn om de aarde te reinigen en vervolgens de raadsbesluiten van God ten aanzien van de schepping te vervullen.

De oordelen staan beschreven in Openbaring 6-19. In de hoofdstukken daarna volgt de voleinding van al Gods plannen met zegen voor zowel de oude als de nieuwe schepping. Dat dit allemaal is vastgelegd in een boek, wil zeggen dat het onveranderlijk vastligt en controleerbaar wordt uitgevoerd zoals beschreven staat. Het boek bevat de geschiedenis van de toekomst. Alleen God kan vooruit geschiedenis schrijven.

De vraag wordt gesteld wie het waard is om het boek te openen en de zegels ervan te verbreken (Op 5:2). Het antwoord is: “de Leeuw uit de stam van Juda” over wie Jakob heeft geprofeteerd (Gn 49:9-11). Als Leeuw is Hij de Heerser. Hij is ook “de Wortel van David”. Hij behoort tot het koninklijk geslacht, Hij is de ware Zoon van David en heeft het wettige recht om te heersen. Het is niemand anders dan de Heer Jezus.

Zijn waardigheid en recht heeft Hij gekregen door Zijn overwinning op het kruis door daar als Lam te sterven. Daar heeft Hij het eigendomsrecht op de schepping teruggekregen. Daar heeft Hij de satan, die door list en sluwheid wederrechtelijk bezit van de schepping heeft genomen, de kop vermorzeld. Hij heeft de volle losprijs betaald en de hele schepping voor God teruggekocht. Hij heeft het recht de zegels te openen, dat is het recht op lossing van de aarde, om haar van alle onrecht te reinigen. Hij heeft overwonnen op het kruis en zal die overwinning vorm geven in alles wat Hij doet.

Vanaf Openbaring 6 gaat Hij aan het werk om dat recht uit te oefenen, waarna Hij Zijn heerlijk vrederijk vestigt. Ik geef een kort overzicht van de komende hoofdstukken, dat een globaal idee geeft van wat er gaat gebeuren. Ik laat het aan de lezer over dit zelf nader te bestuderen.

1. In Openbaring 6 worden de eerste zes zegels verbroken. Die zes zegels beschrijven de eerste zes beproevingen die na de opname van de gemeente over de aarde zullen komen.

2. Openbaring 7 is een tussenzin tussen het zesde en het zevende zegel. Daarin laat God zien dat een groot aantal gelovigen door de oordelen heen bewaard wordt tot de komst van de Heer Jezus naar de aarde. Zij gaan als levenden het vrederijk binnen.

3. In Openbaring 8:1-5 wordt het zevende zegel geopend. Dat heeft een half uur stilte in de hemel tot gevolg, waarna zeven bazuinen, geblazen door zeven engelen, nieuwe oordelen inluiden.

4. In Openbaring 8:6-9:21 worden zes bazuinoordelen beschreven.

5. Het gedeelte Openbaring 10:1-11:13 vormt een nieuwe tussenzin.

6. Vervolgens wordt in Openbaring 11:14-18 de zevende bazuin geblazen.

7. In Openbaring 12-14 worden enkele gebeurtenissen uit de voorgaande periode nader beschreven.

8. In Openbaring 15-16 lezen we over de zeven engelen met zeven schaaloordelen. Dit zijn de afsluitende en tevens hevigste oordelen.

9. Openbaring 17-18 zijn speciaal gewijd aan het oordeel over het grote Babylon, de valse kerk.

10. Daarna vindt in Openbaring 19 de bruiloft van het Lam met de ware kerk, de gemeente, plaats.

11. Tot Openbaring 21:8 wordt in chronologische volgorde beschreven wat er nog gebeurt tot de eeuwigheid aanbreekt.

12. Vanaf Openbaring 21:9 krijgen we een beschrijving van het nieuwe Jeruzalem in het vrederijk.

13. Het boek eindigt met mededelingen over de komst van Christus en Zijn toezegging dat Hij spoedig komt.

Ik heb de opname van de gemeente al genoemd. Nu nog de teksten die daarover duidelijkheid geven. Paulus heeft daarover een speciaal woord van de Heer gekregen. In 1 Thessalonicenzen 4 vertelt hij daarover (1Th 4:15-18). Het is iets dat in de tijd van het Oude Testament een verborgenheid was (1Ko 15:51-52). Kort gezegd vertelt hij dat de Heer Jezus met al Zijn heiligen – dat houdt in ook met jou en mij – kan terugkomen naar de aarde omdat Hij voor die tijd al die heiligen in de hemel heeft opgenomen.

Voor de komst van de Heer Jezus naar de aarde was geen speciaal woord van de Heer nodig. Daarover wordt in het Oude Testament al gesproken (Zc 14:3-5). Maar daar staat niets over de komst van de Heer om eerst de gemeente en de oudtestamentische gelovigen op te nemen. Daarover spreekt alleen het Nieuwe Testament. We lezen erover

1. in Johannes 14, waar de nadruk erop ligt dat de Heer Jezus persoonlijk komt (Jh 14:1-3);

2. in 1 Korinthiërs 15, waar de nadruk erop ligt dat de levenden worden veranderd (1Ko 15:51-57);

3. in Filippenzen 3 waar het gaat over de verlossing van het lichaam (Fp 3:20-21);

4. in 1 Thessalonicenzen 4, waar de nadruk ligt op het feit dat de ontslapenen erbij zullen zijn en zelfs de levenden zullen voorgaan, want zij zullen eerst opstaan (1Th 4:15-18).

Ik vertrouw erop dat het bovenstaande aanspoort tot verder onderzoek van de Schrift over deze belangrijke dingen. De kennis hiervan hoort bij de basisuitrusting van de gelovige, vanaf het begin van zijn leven als christen. Paulus is hooguit vier weken in Thessalonika geweest (Hd 17:1-2) en heeft daar uitvoerig met hen over gesproken. In elk hoofdstuk van zijn eerste brief aan de Thessalonicenzen noemt hij de komst van de Heer (1Th 1:10; 2:19; 3:13; 4:13-18; 5:23). In zijn tweede brief aan hen herinnert hij hen eraan (2Th 2:5). Dat was blijkbaar nodig, omdat de verwachting van de komst van Christus was weggezakt en ze zich hadden opengesteld voor dwalingen over die komst.

Een dergelijke wake-up call hebben we allemaal regelmatig nodig.

Wil je meer weten over de toekomst? Kijk eens op

https://www.kingcomments.com/nl/bijbelstudies/Op

https://www.kingcomments.com/nl/onderwerpen/toekomst/toekomstige-gebeurtenissen-in-het-midden-oosten

Met vriendelijke groet,

Ger de Koning

Al deze Bijbelstudies zijn in druk verschenen bij Uitgeverij Daniël.

© Copyright

© 2026 Auteur G. de Koning
© 2026 Websiteontwerp E. Rademaker
© 2026 Uitgeverij Daniël, Urk, NL. www.uitgeverijdaniel.nl

Privacy policy

Niets uit deze uitgave mag – anders dan voor eigen gebruik – worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden d.m.v. druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van ‘Stichting Titus’ / ‘Uitgeverij Daniël’ of de auteur.

Google Play